Deze website is deel van www.bruggelokaal.be.

Dumortier Albert

ERE-LUITENANT-KOLONEL ALBERT DUMORTIER TE ST.KRUIS.

Deze militair werd geboren te Vaulx-lez-Tournai en is overleden te St.-Kruis, Brieversweg op 10 maart 1982, als derde zoon van burgemeester van Vaulx, tevens directeur van een Cimenterie.
Hij was oorlogsvrijwilliger 1914-18, groot oorlogsinvalide, levensgevaarlijk gekwetst in slag van Houthulst in 1918, Commandeur in de Kroonorde met Zwaard, officier in de Leopoldsorde met palm, oorlogskruis 1914-18, Vuurkruiser en drager van vele militaire onderscheidingen. 
Albert DUMORTIER was oorspronkelijk werkzaam bij het Engels verzekeringswezen, waarvoor hij opdrachten vervulde over heel Europa tot in Istanbul.
De eerste wereldoorlog zou echter een keerpunt betekenen in zijn leven, dat alsdan een heel andere wending nam.
Als oorlogsvrijwilliger nam hij dienst in het Belgisch leger meer bepaald bij het 4e Linieregiment.
In de slag van Houthulst werd de vuurlaag uit een mitrailleuse hem fataal en zeer zwaar gekwetst liet men hem aanvankelijk, blijkbaar tendode opgeschreven, liggen, om voorrang te verlenen aan de verzorging van minder zwaar gekwetsten die men dacht te kunnen redden. Nadien stelde men vast dat hij nog leefde zodat hij terechtkwam in het militair hospitaal l'Ocean door Dr. DEPAGE gesticht te De Panne. Hi j werd er verzorgd en het gebeurde zelfs dat Koningin Elisabeth het verband vernieuwde. Derhalve is hij steeds een groot bewonderaar gebleven van deze Koningin.
Volgens dochter Alice, wonende Moerkerkesteenweg 86, zijn zeer veel officieren gekwetst of gedood daar de Duitsers, hun verrekijker gebruikend, de officieren ontdekten en het. aldus op hun hadden gemunt, hopend op die manier verwarring te kunnen zaaien onder de soldaten.
Na een lang verblijf in het hospitaal l'Ocean werd hij verder verzorgd in het reeds lang verdwenen hospitaal Berkendael (Elsene).
Toen hij op bevel van de militaire overheid verplaatst werd naar Krefeld, wat gezien zijn wonden die nog steeds dienden te worden verzorgd, praktisch onmogelijk was, vond hij bij zijn aankomst aldaar de eigene verplegers uit Berkendael terug, dit hoogstwaarschijnlijk door tussenkomst van Koningin Elisabeth.
Wij schrijven 1928, jaar waarin A.DUMORTIER op 28 juli te St.-Kruis in het huwelijk trad met Adrienne BOEYKENS, geboren te Vilvoorde op 5 augustus 1905, later te Braine l'Alleud overleden op 10 november 1988. Het huwelijk werd ingezegend door de toenmalige pastoor Camiel MEYSMAN, en voor Modest HOSTE, als schepen van Burgerlijke Stand.
 
Het jonge paar vestigde zich in het huis ter Polderstraat gebouwd door en eigendom van de familie Van ROBAEYS.
Aldaar werden twee dochters geboren nl. Alice op 14 augustus 1930 en Yvonne op 28 februari 1932.
Zij liepen school in Hemelsdale en nadien bi j de Franse Zusters van Haverlo (Assebroek).
Alice bleef ongehuwd en werd lesgeefster in een school in het Brusselse en woont thans Moerkerkesteenweg nr 86 in een huis gebouwd ca 1907/08 samen met nr. 84 door de familie Van ROBAEYS, dit in opdracht van kolonel PINTE.
Huis nr 86 werd oorspronkelijk bewoond door kolonel PERE, naam nog steeds te zien op de koperen klep van de brievenbus.
Dochter Yvonne huwde Walter RAHIER uit Mechelen. Het gezin heeft twee kinderen Luc en Brigi tte en is woonachtig te Braine l'Alleud. Ook zoon Luc koos een militaire loopbaan Even vermelden dat Adrienne BOEYKENS behoorde tot een familie van militairen. Haar vader commandant Pierre BOEYKENS werd trouwens dodelijk gekwetst in de slag van Haelen en overleed in het militair hospitaal van Antwerpen.
Het is dan ook begrijpelijk dat Mevr. DUMORTIER niet zeer opgezet leek met al wat Duits was, daar waar haar echtgenoot nooit enige vorm van haat tegenover de gewezen vijand heeft gekoesterd. Trouwens tijdens de tweede wereldoorlog hebben de Duitsers hem als militair en invalide met respect bejegend.
In 1937 nam het gezin zijn intrek in de Congostraat rechtover de toenmalige Vlamingstraat (thans Brugse Mettenstraat), nadien in het huis toebehorend aan de familie De FOERE, voorheen bewoond door commandant van de weerstand HANSSENS, uiteindelijk in 1965 kwamen zij terecht in het huis van opticien COUDERE in Brieversweg.
Ondertussen was ook wereldoorlog II voorbijgetrokken en majoor DUMORTIER werd aangesteld als de officier die de naar Frankrijk getogen Belgische mannelijke jeugd diende te repatriëren.
Vooraleer definitief met pensioen te gaan na de oorlog van 1940-45, was hij te Brugge voorzitter van de Krijgsraad. Nadien tot in de jaren 70 was hij sekretaris van de Lawntennisclub te Assebroek. Dit bracht hem in contact met een groot deel van de Brugse jeugd uit die periode, inbegrepen de spelers van de Witte Beer, Rust-Roest en Azalea.
Het dient vermeld dat ere Luitenant-Kolonel DUMORTIER over
een meer dan bewonderenswaardige wilskracht en doorzettingsvermogen moet hebben beschikt, gezien zijn blijvende volharding, dit niettegenstaande zijn grote invaliditeit. Noch heup, noch knie aan zijn linkerzijde kon worden geplooid. Het is gebeurd dat hij zich plat op de buik legde om bv. onkruid uit de tuin te verwijderen. Daarna diende hij met beide handen een steunvlak te zoeken op een omgekeerde emmer teneinde opnieuw recht te komen. A.DUMORTIER was steeds de aangewezen persoon om ter gelegenheid van nationale feestdagen de militaire overheid te vertegenwoordigen tijdens de Eucharistieviering alhier.
 
Mocht deze korte levensschets een soort eerbetoon zijn aan een merkwaardig en plichtbewust officier, tevens goed en edel mens uit St.-.Kruis.
Meteen mijn welgemeende dank aan dochter Alice voor haar nuttige inlichtingen zo bereidwillig verstrekt.

A.Vermeulen.