Deze website is deel van www.bruggelokaal.be.

Cocquyt Oktaaf



meubelfabriekant,
Prins Leopoldstraat 14,
8310 BRUGGE 3 Sint-Kruis
Geboren te Sint-Kruis 21.9.1919

De Kunstmeubelfabriek COCQUYT bestaat dit jaar 70 jaar. Dit was voor ons een goede gelegenheid om te gaan praten met Octaaf Cocquyt, de pientere en bekwame bedrijfsleider die steeds met evenveel entoesiasme en fierheid kan spreken over het bedrijf dat in 1910 door zijn vader, wijlen Emiel Cocquyt werd opgericht.
Emiel Cocquyt die gehuwd was met Clementine Thooft in 1908, had de financiêle middelen niet om het ouderlijk landbouwbedrijf over te nemen en zag zich verplicht uit werken te gaan bij Lamote, aannemer van schrijnwerken te Blankenberge.   .
Maandenlang ging hij dagelijks te voet van Dudzele naar Blankenberge om er te werken, omdat er geen andere verbindingsmogelijkheden waren.
In 1910 nam hij echter het besluit met een eigen zaak te starten te Dudzele.
Op verzoek maakte hij staldeuren, kisten, tafeltjes, kasten, doodkisten en alle meubel- en timmerwerk.
Zijn echtgenote Clementine Thooft baatte café "BURGERWELZIJN" uit en had tevens een winkel van kruidenierswaren en tekstiel.
In dit gezin werden 9 kinderen geboren waaronder Octaaf Cocquyt. De jonge Octaaf scheen voorbestemd om zijn vader op te volgen. Van kindsbeen af hielp hij mee in de werkplaats en kwam aldus vrij vlug in kontakt met de praktijk van een zelfstandig meubelmaker.
Zijn schoolse opleiding genoot hij in de Vrije Vakschool aan de Boeveriestraat te Brugge.
Op 3 januari 1948 huwde Octaaf met Maria Kerckhof, dochter van een tuinbouwbedrijf-kolenhandel te Westkapelle en beiden werden tewerkgesteld bij vader Emiel Cocquyt.
Octaaf herinnert zich nog zeer goed dat hij toen 18 fr. per uur verdiende en zijn echtgenote 10 fr.
Vermeld moet worden dat Octaaf Cocquyt reeds vlug zijn buitengewone technische kwaliteiten aantoonde in het ouderlijk bedrijf waarin hij zelfs presteerde zelf machines te bouwen die anders onbetaalbaar zouden zijn geweest.
Toen op 10 mei 1950 Emiel Cocquyt overleed, nam Octaaf het bedrijf over.
Onmiddellijk nam hij de belangrijke beslissing om alleen nog meubelen te fabriceren.
Alle andere opdrachten zou hij niet meer uitvoeren en al reageerden de mensen daar soms vol onbegrip op, toch blijkt deze beperking van aktiviteit een enorm goede beslissing te zijn geweest.
Octaaf Cocquyt werkte omzeggens dag en nacht, bouwde zelf zijn machines en leende 75.000 fr. om een hydraulische pers te bouwen, voor het maken van parketbladen.
Dit was een enorm bedrag in die tijd, en voor Octaaf en Maria braken zeer zware en moeilijke jaren aan. Tevens dient vermeld dat tien kinderen werden geboren in 12 jaar tijd, waarvan er nog negen in leven zijn.
Octaaf Cocquyt had een aanzienlijke ervaring wanneer hij in 1955 de kans kreeg om 600 biljarts te fabriceren. Al won hij slechts 40 fr. per biljart, toch liet het hem toe 5 à 6 personeelsleden in dienst te hebben.

 


Deze fabricatie vergde overleg, rationalisatie en een degelijk inzicht in de bedrijfsuitbating. Het werd een eerste test voor zichzelf. Na deze bestelling, nam hij een serie keukentafels in productie maar in 1957 startte hij met de eetkamer Louis XIV die hij tot op heden nog steeds verkoopt en fabriceert, en die over gans Europa faam en bekendheid verwierf.
Octaaf Cocquyt was soldaat geweest te Mechelen en had aldus kans gezien zeer van nabij kontakt op te nemen met de toen aldaar bloeiende meubelnijverheid.
Hij zag de prachtige meubelen en droomde toen voor het eerst van een eigen productie kwaliteitsmeubelen volgens de originele Franse Louis XIV-stijl.
Tussen haakjes kan worden vermeld dat van de 220 bloeiende meubelfabrieken die toen te Mechelen bestonden er nauwelijks nog een tiental zijn overgebleven.
Leon Bekaert kon wel tweeduizend mensen tewerkstellen om prikkeldraad te maken.
Waarom zou ik geen twintig mensen in dienst kunnen nemen om een mooi kwaliteitsmeubel te fabriceren, zo redeneerde Octaaf Cocquyt.
Maar een meubel moet ook verkocht worden en zo kwam het dat de Louis XIV-eetkamer die door Octaaf Cocquyt zelf was getekend en ontworpen naar Franse modellen, voor het eerst werd tentoongesteld tijdens de meubelbeurs te Gent, in 1958.
Dit betekende voor Octaaf Cocquyt een zeer belangrijke sprong voorwaarts.
Inderdaad verkocht hij tijdens de meubelbeurs 61 massieve eetplaatsen. Deze te fabriceren zou heel wat problemen met zich brengen, want het was uiterst moeilijk om vakbekwame mensen aan te werven vermits de wereldtentoonstelling 1958 te Brussel de overgrote meerderheid naar Brussel lokte waar toen zeer hoge lonen werden betaald.         .
Wanneer Octaaf Cocquyt zijn eetkamer op de markt bracht, waren er ongeveer een vijftigtal fabrikanten in Belgiê die Louis XIV-meubelen fabriceerden.
Hiervan zijn er op vandaag slechts een vijftal overgebleven. Bij herhaling dient echter onderstreept dat de eetkamer die Octaaf Cocquyt bijna 25 jaar geleden op de markt bracht, nog steeds wordt gemaakt zonder enige wijziging.
Het heeft hem nooit iemand nagedaan het te presteren 25 jaar lang naar de meubelbeurs te trekken met hetzelfde meubel.
Zelfs in de periode dat namaak-antiek en rustieke meubelen de gunst van het publiek wonnen, bleef hij verder gaan met zijn Franse stijlmeubelen en de geschiedenis bewees dat zijn politiek de juiste was.
In oktober 1960 kocht hij te St.-Kruis de werkhuizen van wijlen Van Robaeys en op 3 februari 1961 kon hij zijn meubelfabriek uit Dudzele overbrengen naar St.-Kruis.
In de door hem aangekochte werkhuizen herstelde hij afdeling na afdeling, en er waren toen 22 mensen tewerkgesteld.
Vanaf 1966 kwamen ook de kinderen geleidelijk aan in het bedrijf. Het was steeds de opvatting van Octaaf Cocquyt dat een familiaal bedrijf niet te groot mag worden want dan is het niet meer mogelijk voor één van de kinderen het bedrijf over te nemen.
Hij heeft er naar gestreefd om ieder van zijn kinderen een eigen zaak te verschaffen.
Zo is Jozef Cocquyt thans eigenaar van de bloeiende Zeebrugse Meubelcentrale, Emmanuel Cocquyt is de stichter en zaakvoerder van de te Oostkamp gevestigde, en bekende EMCO- keukens.

Guido, schilder-behanger van beroep, is thans adviseur in de winkel waar Lieve aanvankelijk zorgde voor een vriendelijk onthaal en thans Lutgart haar taak op zo'n efficiënte wijze heeft overgenomen.
Anne-Marie Cocquyt is gehuwd en woonachtig te Beernem terwijl Stefaan Cocquyt die electriciteit en mechanika studeerde, samen met zijn vader, van wie hij de technische knobbel heeft geërfd, de meubelfabriek uitbaat.
Twee dochters wijden zich aan verpleging.
In het bedrijf werd alles zoveel mogelijk gerationaliseerd en tot de meest eenvoudige werkwijze herleid.
"Tijd is geld en nu nog veel meer dan vroeger. Wanneer ik verder goede kwaliteitsmeubelen wilde fabriceren was het absoluut noodzakelijk dat er rationeel en efficiënt werd gewerkt", aldus Octaaf Cocquyt.
De voorkeur ging steeds uit naar universele machines die kunnen omgeschakeld worden indien noodzakelijk en aangepast aan de behoeften van het bedrijf.
Octaaf Cocquyt wil een kwaliteitsmeubel leveren tegen betaalbare prijzen.
Met evenveel zorg als in de beginperiode en met de beste houtsoorten wordt de eetkamer Louis XIV en de staande klokken gefabriceerd. 'De standing-Clock'. Inderdaad is de start van de productie staande klokken in feite de aanvang geweest van een nevenbedrijf in het bedrijf zelf. De staande klokken die door het meubel bedrijf Cocxquyt op de markt worden gebracht, passen met het snijwerk van de eetplaatsen.
Door standardisatie en opvoering van de kwaliteit kon aldus een groter cliëntele worden bereikt: "personeel en bedrijfsleider moeten beiden hun plicht doen en hand in hand samenwerken aan het product. Niet veel burokratie maar wel standardisatie en vooral aandacht en belangstelling voor het eigen product en het bedrijf zelf. Een bedrijfsleider moet bij zijn zaak aanwezig blijven en alle problemen kennen waarmede zijn werknemers hebben af te rekenen."
Voor het ogenblik worden meubelen uitgevoerd naar Nederland, Frankrijk, Luxemburg, Duitsland, Engeland en af en toe zelfs naar Canada en het Hoge Noorden.
De grote wens van Octaaf Cocquyt en zijn echtgenote is dat hun kinderen het bedrijf zouden kunnen verder zetten.
Hij heeft vertrouwen in de toekomst ondanks het feit dat er in ons land thans een periode is aangebroken waarin het voor ieder zelfstandig bedrijfsleider uitermate moeilijk is om het hoofd boven water te houden en enige rentabiliteit te bekomen in het eigen bedrijf. Alles moet gedaan worden om te overleven en om de uitvoer naar het buitenland te stimuleren.

 

Het leven en de ervaring zijn de beste leerschool. Steeds maar opnieuw moet iedere dag herbegonnen worden en steeds maar opnieuw moeten inspanningen worden geleverd om ons aan te passen", aldus Octaaf Cocquyt, die zelf moeite noch inspanningen ontzag en zelfs op leeftijd samen met zijn echtgenote de studie aanving van Frans, Engels en Duits, om nog beter in persoonlijk kontakt te kunnen treden met het cliëntele in het buitenland.
Uit binnen- en buitenland komen dan ook bezoekers niet alleen om eetkamers en staande klokken te kopen, maar ook bedrijfleiders die het organisatie. en productietalent van Octaaf Cocquyt komen bekijken.
Het bedrijf zelf is het toonbeeld van netheid en rationalisatie, en er wordt werkelijk met iedere m2 oppervlakte gewoekerd. Dit leidde tot vernuftige staaltjes van plaatsbesparing en kleine uitvindingen. Ook op sociaal gebied wordt gezorgd voor goede menselijke verhoudingen. De tegenstellingen tussen werkgever en werknemers kunnen volgens Octaaf Cocquyt het best worden opgelost door een wederzijds gevoel van verantwoordelijkheid en respect.
"Mijn arbeiders weten dat ik veel voor hen over heb en dat ze in het bedrijf veel te zeggen hebben en gewaardeerd worden. Zij voelen ook zeer sterk aan waar hun plicht ligt tegenover het bedrijf. Anders dringen harde maatregelen zich op in het belang van allen. Ik heb enorm veel geleerd uit tegenslagen: moeilijkheden bij fabricatie of verkoop maar zelfs wanneer ik effenaf word gedwarsboomd, laat ik me niet ontmoedigen. Op de eerste plaats bedenk ik dat ik slechts kan gedwarsboomd worden omdat ik leef en ik ben dankbaar voor het leven; vervolgens ben ik blij omdat ik de miserie niet verwek maar slechts onderga."
Deze en vele andere bedenkingen geeft Octaaf Cocquyt ten beste aan iedereen die met hem kontakt wil opnemen. In feite is hij een echte filosoof.
Zijn huis staat open en gastvrijheid wordt door hem dagelijks beoefend.
Ook weten Octaaf en Maria zeer goed welke verantwoordelijkheid zij dragen in de samenleving waarin zij leven en werken. Talrijk zijn zij die op hun steun hebben mogen rekenen.
Wij zijn blij langs deze weg op een bescheiden wijze hulde te mogen brengen aan deze achtenswaardige en werkzame familie die zich dag na dag inzet om welvaart en werkgelegenheid te verschaffen in eigen streek. Meer dan ooit zullen het bedrijven zijn als dit van Octaaf en Maria Cocquyt die de tewerkstelling in onze streek en ons land zullen moeten handhaven en brengen.
Wij danken de familie Cocquyt voor haar inzet en het door hen vrijwillig aanvaarde risiko waaruit werk en welvaart wordt geboren voor de eigen bevolking.

St.-Kruis 24.11.1980.
Mr. Johan WEYTS

Oktaaf Cocquyt overleed op 08.11.2010