Deze website is deel van www.bruggelokaal.be.

Casteleyn Godelieve


echtgenote DE SCHRYVER Etienne
Geboren op  4.6.1919
St.-Godelievedreef, 1
8310 BRUGGE 3 Sint-Kruis

Wij naderen nu de gemeenteraadsverkiezingen, maar de tijd ligt ver achter de rug dat er in Sint-Kruis, toen nog een volledig zelfstandige gemeente, een harde en verbeten strijd om de macht werd gevoerd. De oude gemeentenaren herinneren zich dat nog best. Zij kunnen, zowel met leedvermaak als met ergernis, nog vertellen van de persoonlijke aanvallen die geschiedden, van de gemene slagen onder de gordel die werden gegeven en van de heftige pamflettenstrijd die toen woedde. Ongetwijfeld vergeten zij daarbij niet te wijzen op de fameuze folder "De grijpgier" die eens verspreid werd tegen de kandidaat-burgemeester Karel Casteleyn die naar beweerd werd, naar Sint Kruis was afgezakt om er alle gronden op te kopen en te verkavelen.

Niet om hierover te praten gingen wij op bezoek bij een van zijn vijf dochters, mevrouw Godelieve De Schryver-Casteleyn, St-Godelievedreef nr 1 te Sint Kruis, maar wel omdat zij door haar schepenschap (1952-1958) in St-Kruis een vrouw van betekenis is geworden en zij als spil van menige manifestatie haar bijzondere verdiensten heeft. Behoort het zelfs niet tot de mogelijkheden dat de St-Godelievedreef naar haar werd genoemd? Zij beweert wel van neen, en wij zullen dit maar geloven en de ware reden voor rekening van de naamgever laten, die wellicht ook de enige is die weet waarom hij van een laan waar geen bomen staan een dreef heeft gemaakt.
Godelieve Casteleyn werd geboren te Sint-Kruis op 4 juni 1919. Zij was de vierde van vijf dochters die beurtelings, Maria, Anna, Claire, Godelieve en Berthe heetten en niet karig met vrouwelijk schoon waren bedeeld. Hun vader, Karel, was geboren te Gistel en hun moeder Julie Vanbelleghem, zag het levenslicht te Ichtegem en geen van beide was dus een stadsmens, integendeel, zij waren goed vertrouwd met de buiten en het dorpsleven.
Karel Casteleyn was aannemer van beroep en woonde tot in 1916 met zijn gezin te Zeebrugge. Op 1 october van dat jaar werd hij er echter weggeschoten door de Engelsen die in de haven een onderzeeêr hadden tot zinken gebracht en ze aldus geblokkeerd. Hij kwam zich toen vestigen te Sint Kruis, in villa "De Waterkant" gelegen in de Vestingstraat, maar met een privé brug uitgevend op de ringlaan, waar het gezin voorgoed verblijf zou houden. Thans wonen er de Spaanse nonnen...
Haar vader, vertelt zij, was een door de politiek geinfecteerd man en was van 1921 tot 1933 burgemeester van Sint Kruis. Op 2 october 1921 werd hij feestelijk aangesteld in de patronagezaal. Vele notabelen waren aanwezig, o.m. Pier Janssens, Van Robaeys, Alfred Ronse, pastoor Cuvelier, onderpastoor Coucke, secretaris Van Hove, veldwachter Gevaert, Gerard D'Hooge, Lietaert, Louis Mortier, Van Hoorickx, enz. De spijskaart vermelde het volgende:

1. De lepelkost komt op al doom en

            En roept U tegen: Welgekomen

2. Nu gauw ene kleine lekkernij:

            Venetiaansche vleespastij.

3. Gekookte terbot, zeg neem maar toe

            Die 't niet mag is dom als een koe

4. Een spierstuk van den os, in schellen,       

            met erwtjes, kan van 't beste tellen.

5. Wat nagerecht, fruit, druiven voor 't lest

            Ik kies niet vandaag 't is alom ter best.

Dit alles met wijn en met bruischaard besproeid
Die 't feestmaal niet prinselijk noemt, liegt dat hij gloeit.

 




 

In 1946 moest Casteleyn het afleggen tegen de nieuwe lijst aangevoerd door Didier de Pierpont, die, naar het schijnt, wegens de hulpvaardigheid van het kasteel tijdens de voorbije oorlogsjaren, op een groot aantal stemmen van de ingezetenen had mogen rekenen. Het was echter geen Vlaamse overwinning, want de Pierpont sprak slechts zeer gebrekkig de taal van zijn volk en zou er, tijdens al de jaren van zijn bestuur, ook niet veel vorderingen in maken. Dit belette het nieuw bestuur van het Davidsfonds toch niet hem in 1947 het erevoorzitterschap van de afdeling Sint Kruis aan te bieden, wat hij prompt aanvaardde. Voor het nieuw bestuur was dit een geluk want sommige leden en bestuursleden hadden tijdens de bezetting door echte of vermeende collaboratie de vereniging geen goede dienst bewezen, en met als erevoorzitter een de Pierpont die weerstander was geweest, kon het gehavende blazoen weer vlug opgefrist worden.
In februari 1952 stierf vader, vertelt mevrouw Casteleyn en bij de gemeenteraadsverkiezingen die datzelfde jaar volgden, werd mij door de heren Gerard D'Hooghe en Louis Mortier voorgesteld als kandidaat op hun lijst te willen fungeren. Ik aanvaardde het na rijp overleg en de uitslag van de verkiezingen was gunstig. Niet alleen werd ik gekozen als gemeenteraadslid maar bij de samenstelling van het college werd ik ook onmiddellijk schepen van de burgerlijke stand.
Veel heeft mevrouw De Schryver hierover niet te vertellen, maar wij weten dat zij zich goed voor haar taak heeft ingezet. Zij was ook een felle voorstander van een zuinig beheer en trachtte bij alle mogelijke gelegenheden een verzoenende rol te spelen. Niet minder zette zij zich in om de gemeentenaren behulpzaam te zijn waar zij kon en hun te tonen dat haar taak van schepen er een was van dienstbaarheid.

- Gij stond dus graag midden het volk?
- Ja en dat doe ik nog steeds. Ik behoorde tot het bestuur van het C.M.B.V. en ben. nu enthousiast lid in het C.R.M. Iedere donderdag is het verzamelen geblazen in 't Schuttershof om er een gezellige kaartnamiddag door te brengen. Steeds doe ik mijn best om daar niet te ontbreken. lets van het dynamisme dat mij steeds eigen is geweest kan ik daar afwerken.
Op onze vraag of zij niet enkele anekdootjes kan vertellen antwoordt zij eerder weigerachtig. Zoveel is al zo lang geleden, zegt zij, zovelen die het bijwoonden zijn reeds overleden en hoe weinig belang heeft het dan nog voor de anderen. Maar ééntje wil ze ons toch kwijt, namelijk dat haar vader niet wou ingaan op de verordening van de Duitsers tot het inleveren van de duiven daar hij er ten alle prijze wou bewaren tot na de oorlog. Hij was inderdaad een verwoed duivenliefhebber. En wat deed hij? Hij deed zijn beestjes een broekje aan en hing ze op zijn duivenhok aan een haak. Iedere dag ging hij ze verzorgen, te eten en te drinken geven en hun broekjes reinigen. Op deze uitzonderlijke wijze slaagde hij er aldus in om tot na de oorlog zijn duivenras te kweken.
- De moeite waard om te weten, nietwaar? zegt mevrouw De Schryver.
- Natuurlijk de moeite waard! Zo'n feit is wel enig in de geschiedenis van de duivensport.
Wij wensen Godelieve Casteleyn samen met haar echtgenoot Ir. Etienne De Schryver nog vele aangename jaren toe van welverdiende rust in hun prachtige thuis langs het Zuidervaartje.

St.-Kruis 31 augustus 1982
Mr. Johan Weyts.

Godelieve Casteleyn overleed op 10.02.1983