Deze website is deel van www.bruggelokaal.be.

Bursens Joseph


BURSENS JOSEPH

rustend handelaar

Moerkerkesteenweg, 167

8310 BRUGGE 3 Sint-Kruis

 

 

Joseph Bursens is een van die mensen die vreugde brengen in een dorp en die ons heimwee doen krijgen naar een verleden, waarin de mensen, in hun kleine levensgemeenschappen, elkaar nog kenden. Een tijd waarin er meer vriendschap bestond onder de mensen en spontane solidariteit, ook al waren de levensomstandigheden toen veel harder en moeilijker dan nu. Het feit dat wij allen, wat de levensstandaard betreft, leven in het zesde rijkste land ter wereld, doet niets af van de vaststelling dat het geluk van de mensen in ieder geval niet in verhouding is gestegen. Dagelijks stellen wij vast dat welvaart niet steeds geluk betekent en dat er aan onze materiële welstand dikwijls een spiegelbeeld vasthangt van eenzaamheid, ontgoocheling en moreel leed.

Joseph Bursens draagt in zich de oude Vlaamse deugden.

Overal waar hij komt verschijnt een glimlach en komt er wat heldere zon door de sombere wolken stralen. Gans zijn leven was hij tussen de mensen en ook al was hij bekend in alle lagen van de bevolking, het is uitzonderlijk hoe hij door allen is geliefd.

In de talloze verenigingen waarvan hij lid is en meestal bestuurslid, heeft men goed geweten wat men aan hem had. Hij was steeds eerlijk en rechtschapen en nooit heeft menselijk opzicht hem belet om overal vrij en vrank zijn mening te zeggen, want vleierij ligt hem niet. Maar ook al klapte hij menigmaal in een bestuursvergadering hard de deur achter zich toe en zweerde hij voor eeuwig weg te zullen blijven, toch was hij de straat nog niet op of hij was het incident reeds vergeten en als er te werken viel was hij steeds de eerste om de handen uit de mouwen te steken en dit steeds gratis en belangloos, ook iets wat steeds zeldzamer wordt in deze tijd van egoisme.


Joseph Bursens werd geboren te Sint-Kruis op 27 mei 1915 langs de Moerkerkse steenweg in het huis waar thans Cado Shop van Simonne Neyt is gevestigd. Zijn vader René Bursens was klompenmaker maar in de volksmond werd hij "Staf van de kloeffen" genoemd. Zijn moeder Madeleine Daenekindt was geboren en getogen te Sint-Kruis maar vader was uit Nederland gekomen. Het gezin telde vijf kinderen Jérome, Joseph, Elisabeth, Carlos (+) en Maria. Het ouderlijk huis was steeds vol leven en er werd hard gewerkt van de maandagmorgen om zeven uur tot de zaterdagavond om zeven uur. Deze klompenmakerij stelde zes mensen tewerk en uitteraard had men veel bomen nodig. Deze lagen opgeslagen langs de Schaakstraat op de gronden waarop de familie Jackx toen een hofstedeke uitbaatte. De bomen werden eerst in klossen gezaagd volgens de maat der klompen die men wou maken en met de hand werden er dan de klompen uit gekapt. Uit de Canadapopulieren kapte men de hoge "bultekloeffen" voor de mannen en uit wilgenhout werden de platte vrouwenkloeffen gemaakt die "kletsers" werden genoemd.


Op maandag ging vader per fiets bestellingen opnemen en de klanten waren niet alleen in 't Brugse te vinden maar veel klompen werden ook verkocht in Torhout en langs de kust tot in Nieuwpoort.

Het klompenmaken was een lastig beroep en Joseph die deze stiel als jongen heeft geleerd en beoefend kan er over meepraten. Wat hij uit deze periode bijzonder levendig kan herinneren is dat 's avonds de werkplaats de verzamelplaats werd voor de mensen uit de buurt die er kwamen vertellen en zingen en Joseph kan nog vele van die oude volksliederen uit het hoofd zingen zoals van... "Timmeloot, tammeloot, tim tim enz." liedjes waarin men soms nog de slag hoort van de klompenmakers.

 

Aan die zorgeloze jeugd kwam voor Joseph in 1931 plots een droevig einde door het overlijden van zijn vader. Het klompenmakers bedrijf werd gesloten, al het materiaal en materieel werd verkocht en de familie Bursens verhuisde naar de Schaakstraat nr. 21.

Op aanraden van beenhouwer Oscar Vandierendonck, de beste vriend van vader René Bursens, zette de nauwelijks zestienjarige Joseph een kolenhandel op. Het begon uiterst bescheiden maar met veel enthousiasme en doorzettingsvermogen. Zo trok Joseph Bursens op een koele morgen van het jaar 1931 met een stootkar naar de Brugse haven, vergezeld van Henri Ballegeer, de schouwvager die toen ook in de Schaakstraat woonde, om er zijn eerste kolen te kopen. Hij kocht toen meestal Poolse kolen en L'Ecluselle, Louis Schelpe en Van Renterghem, de gewezen burgemeester van Assebroek, waren de leveranciers.

 


Joseph was in die periode een populair voetballer bij Dosko Sint-Kruis en uit simpathie werd hij als jeugdige handelaar door zeer veel mensen gesteund. En de kolen gingen goed de deur uit. Al had Joseph een zware trekhond gekocht om met hem mee te trekken en te duwen aan de stootkar, toch gebeurde het vaak dat hij beroep moest doen op welwillende voorbijgangers om zijn met kolenzakken beladen stootkar de hoogte op te krijgen aan de Dampoort. Om dit harde labeur iets te verzachten kocht Joseph in 1932 een klein circuspaardje.

De stootkar werd voorzien van twee bomen en de kolenhandel kon in het vervolg met paard en kar geschieden. Het karretje, dat in feite slechts een aangepaste stootkar was gebleven, was echter te licht en ook het paardje was niet voor zijn taak berekend. Zo gebeurde het eens dat Joseph kolen moest bestellen langs de Brieversweg. Dat was toen nog een zanderige weg en het was onmogelijk er met zijn paardje door te komen. Hij liet zijn karretje staan aan herberg De Schulle en droeg de kolenzakken op zijn schouders tot bij zijn kliënten. Die dag had hij nu wat te veel kolen weggenomen langs de voorkant van zijn karretje en het ding kantelde omhoog en het paardje hing aan de bomen te bengelen met de pootjes in de lucht.

Op aanraden van Durein de groothandelaar in kolen van Sint-Andries bestelde Joseph in 1933 zijn eerste treinwagon kolen. Dit was toen een grote bestelling en betekende een groot waagstuk in de ogen van een jonge kolenhandelaar, maar met hard werken kon in die tijd heel

wat vooruitgang worden gemaakt en de wagon kolen kon op tijd worden betaald. In 1934 kocht Joseph zijn eerste groot trekpaard en voor het eerst ook een echte kolenwagen. Het waren dagen van hard werken. Om 4,30 stond hij op om het paard eten te geven en te roskammen en tegen 6 uur stond hij kolen te laden in de Brugse haven.



In 1936 moest Joseph negen maanden legerdienst doen als klaroen bij het Vierde Linie 8ste Cie. Eerst in de Ezelstraat te Brugge en nadien te Namen en te Beverloo. Intussen zorgden zijn broer Carlos en Albert Claerbout, zijn toekomstige schoonbroer dat de kolenhandel verder bleef draaien.

 

Op 12 februari 1938 trad Joseph Bursens in het huwelijk met zijn buurmeisje Paula Claerbout, dochter van Leon Claerbout, die vroeger in de Gistfabriek was tewerkgesteld en het huis bewoonde waar Joseph thans woont. Van kind been af hebben zij elkaar gekend en tot op vandaag vormen zij een gelukkig paar. In hetzelfde jaar had hij met grote tegenslagen af te rekenen. Inderdaad stierven drie trekpaarden in één jaar tijd en als men weet dat een paard toen minstens drie duizend frank kostte weet men genoeg.

In 1939 was er mobilisatie. Joseph had evenwel alleen een klaroen! Er waren toen zoveel wapens te kort in het Belgisch leger dat hij er geen kreeg!

 

Bij het uitbreken van de tweede wereldoorlog moest hij zijn paard inleveren en de kolen handel lag dan ook volledig stil. Hijzelf werd krijgsgevangen genomen te Staden en naar Klerken overgebracht. Joseph vond het daar niet prettig vluchtte er weg en keerde te voet naar Sint-Kruis terug om er zijn jonge vrouw te omhelzen. Maar deze bleef met beide voeten op de grond staan en raadde hem aan zich aan de autoriteiten opnieuw aan te geven teneinde groter onheil te voorkomen. Joseph, als goede echtgenoot, gehoorzaamde aan Paula en gaf zich aan. Hij werd overgebracht naar Sluis maar tot zijn grote verbazing werden daar vrij spoedig alle krijgsgevangen vrijgelaten en Joseph kon terugkeren naar Sint-Kruis. Hij nam zijn handel opnieuw op maar gezien de oorlogsomstandigheden waren er niet veel kolen te leveren en dit bracht er hem toe ook vervoer te doen voor Winterhulp, dat toen onder leiding stond van Willemeyns, en ieder dag bedelingen hield in het klooster. Na de bevrijding bleven de kolen nog enige tijd gerantsoeneerd tot 200 Kgr. per gezin. Vermeld moet ook worden dat Joseph de laatste jaren van de oorlog gewerkt heeft voor het grote Circus De Jonghe dat op de terreinen van 't Gildenhuis kampeerde.


In 1947 kocht Joseph Bursens zijn eerste vrachtwagen. Het was een oud legervoertuig maar dit betekende een omwenteling in zijn leven. Het was inderdaad niet meer nodig om ieder dag om half vijf op te staan om het paard te verzorgen. Men kon nu een uur langer rusten en toch kon om 6 uur begonnen worden op de haven.

De jaren vlogen voorbij. Een nieuwe en grote vrachtwagen werd aangeschaft en de handel bloeide. Zijn rekord is 20.000 Kgr. kolen op één dag. Ook mazout werd nu verhandeld maar deze liet hij leveren door een collega die over een tankwagen beschikte.

 

Het vele werken begon evenwel zijn tol te eisen en in juni 1977 kwam de dag, die steeds zo veraf had gelegen, waarop hij niet meer moest opstaan om kolen te laden. De vrachtwagen was verkocht, de handel overgelaten. Hij was gepensioneerd.

Sindsdien zien zij Joseph alle dagen per fiets of te voet door zijn gemeente trekken. Hij groet iedereen en houdt alles goed in de gaten. Waar men hem nodig heeft om een handje toe te steken is hij graag aanwezig. Ieder donderdagnamiddag gaat hij kaarten in 't Schuttershof. Hij ontmoet er zijn oude vrienden van weleer en weet er zich geliefd.

 

Voor ons is het een geluk om mensen als Joseph Bursens te hebben mogen leren kennen. Hoe dikwijls heeft hij zijn jonge collega's niet op het hart gedrukt dat alleen in samenwerking en solidariteit een sterke middenstandsvereniging kon worden uitgebouwd gesteund op echte vriendschapsbanden. "Allen moeten samenwerken en dan alleen kan de toekomst van ieder van ons worden veilig gesteld en dan alleen zal de middenstand een aantrekkingskracht blijven uitoefenen op het grote publiek. De middenstand moet onderling samenwerken en onbeperkt dienstbaar zijn voor alle lagen van de bevolking."

Joseph, zo horen wij U graag spreken. Wij danken U voor al wat U deed voor de mensen van Sint-Kruis en wij wensen U nog vele gelukkige jaren toe in Uw geliefde gemeente. En weet dat allen die U kennen U nog niet kunnen missen.

Sint-Kruis 29 november 1981
Mr. Johan WEYTS

Joseph Bursens overleed op 16.08.1996