Deze website is deel van www.bruggelokaal.be.

Geschiedenis

De navelstreng die Sint-Kruis met Brugge verbindt, loopt reeds eeuwen door de Kruispoort. .
De Moerkerkse steenweg ligt letterlijk en figuurlijk aan Kruispoort's voeten. Maar rond 1830 zag het er wel anders uit. 
De buurtweg Nr 1, onze huidige Moerkerkse steenweg tussen Kruispoort en kerk, behoort volgens A. Schouteet, ere-archivaris van de stad Brugge in zijn boek "De straatnamen van Brugge" tot de oudste straten van Sint-Kruis, die van straatstenen werden voorzien. Ook Magda Cafmeyer schrijft in "St Kruis, oud en nieuw" dat de rijweg tussen de Kruispoort en de kerk was gekalsijd. Beide schrijvers zeggen dat dit stuk weg daarom kortweg  "de calsye" werd genoemd, en dat er in 1841 werd overgegaan tot het leggen van een nieuwe steenweg op dezelfde afstand. Er wordt echter niet vermeld wanneer de eerste "calsye" werd aangelegd.
Uit plannen en geschriften hebben we de zekerheid dat de "calsye" niet recht door liep naar de Kruispoort, maar vertrok vanuit de buurtweg Nr 11 of Vestenstraat. (zie lijst namen der buurtwegen)
Kaart N° 1 laat ons duidelijk de toestand in 1837 zien. Op het grondgebied Sint-Kruis lagen de gronden uit de Sectie C nr 627, eigendom van Pieter Gerbo en op Brugs grondgebied de gronden van Victor Denys, op de plaats om de rechte verbinding te realiseren.

Kaart getekend door landmeter A.Busschaert op 3 april 1837
 Perceelen:      

 -Brugge            
 1    Ha 1- 77 - 20    Anthierens
 2    Ha 0- 09 - 00    idem    
 3    Ha 0- 11 - 90    idem    
 4    Ha 0- 19 - 80    Denys Victor
 -St Kruis            
 A     Ha 0- 77 - 40        
 B     Ha 0- 39 -.40        
 C     Ha 0- 64-  60        
 D     Ha 0- 34 - 40        

Deze kaart laat duidelijk zien dat er in 1837 geen rechte verbinding bestond tussen de Moerkerkse steenweg (A) en de Kruispoort. Er was wel een kleine brug over het St Trudoledeke (I) recht tegenover de Driekoningenweg (B) - waar ook de Maalse steenweg (H) op uit kwam.
De Dampoortstraat (C) vormde toen samen met de Prins Albertstraat (D) één straat nl. de Vestenstraat.
Verder zien we de aansluiting van de DelapIacestraat (vroegere Klokstraat) (S) op de Dampoortstraat en het begin van een dreef (G) die leidde naar het kasteel V. Zuylen de Nyevelt. Deze dreef verdween gedeeltelijk. In het grondperceel 2 is het vierkantje (F) het octrooihuisje. .
Verder laat het plan de grote verschillen in breedte van het St Trudoledeke zien (8 tot 32) 

Het inzicht om de "calsye" te vernieuwen en de verbinding met Brugge te verbeteren blijkt uit ontwerpen die vanaf halfweg de dertiger jaren bestonden. Niet minder dan drie voorstellen kwamen op tafel. De steenweg vernieuwen en doortrekken in de buurtweg Nr 11 (Pr. Albertstraat) tot aan de staatsbaan, leek de eenvoudigste oplossing. (zie kaart nr 2) Gezien er op het kadastraal perceel nr 627 van de sectie C nog geen enkel huis stond; kon men de buurtweg nr 1 over dit perceel schuin doortrekken om uit te monden: "tusschen de herberg de Dubbele Arend en het huis bewoond door een zekere Klincke". Dit was het tweede voorstel. Met die beide voorstellen diende men geen nieuwe brug aan te leggen om de Kruispoort onder te komen. Beide suggesties kwamen, heel waarschijnlijk om budjetaire redenen, van het gemeentebestuur St Kruis.
Maar in Brugge dacht men er anders over. Hier stond men erop dat de buurtweg nr 1 rechtdoor moest getrokken worden over een nieuw te bouwen brug over de buiten vestingsgracht, het St Trudoledeken. (zie kaart nr 3 en 4, voorstel Brugge en kaart nr 5 met de drie voorstellen)

Kaart 2
Kaart 4
kaart 5
Kaart 3

In raadszitting van 25.6.1837 doet burgemeester AD.Goupy de Beauvolers lezing van het schrijven door de gouverneur over “het leggen van eene kalsijde van aen de Kruyspoort tot aen het kerkhof van dit gemeente”. Volgens de brief zouden de kosten o.m. moeten gedekt worden door het vragen van subsidies: “1e aen het Gouvernement, 2e aen de provincie, 3e aen de stad Brugge aen wie de weg toebehoort waer de kalsijde zou gelegd worden (dit eigendomsrecht dateerde nog uit de tijd der paallanden) en door het maeken van een inschrijvingslijste waermede er bij propriétarissen van kasteelen en buytengoederen in de gemeente zoude rond gegaen worden”. En het schrijven besluit dat aldus “de kalsijde misschien met weinig kost aen de gemeente zoude kunnen gelegd worden.”

 "Den gemeenteraed dit alles in aendagt genomen hebbende, heeft goed gevonden den voordragt hiervooren door den burgemeester gedaen, en beslist dat gemelde aenvraegen en inschrijvingen zullen gedaen worden".

Een eerste bestek der werken zal weldra overschreden worden door de keuze die moet gemaakt worden tussen de drie voorstellen. Die keuze werd enigzins opgedrongen door de stad Brugge die haar subsidie afhankelijk maakt van vier voorwaarden opgesteld in haar zitting van 3.11.1838, nl.
1  dat de weg recht op de stadspoort zou uitkomen.
2  dat de stad de eigendom van de route behoudt alsook het plantrecht.
3  dat de stad nooit de kosten van het onderhoud zou dragen.
4 dat de opening van de te bouwen acquaduc op den buytenvesting der stad, tenminste de breedte zal moeten gebouwd worden als dengeenen geplaatst aen de herberg, laetst bewoond door Mr. Snick. (Nb. dat is de brug aan herberg De Arend)

In haar zitting van 28.10.39 aanvaardt het gemeentebestuur van St.-Kruis ten slotte het voorstel van Brugge: “overwegende dat het leggen van gemelde kalsijde rechtstreeks naer de Kruyspoort der stad Brugge over de buytenvesting der stad Brugge het veel gerieflijker aen de inwoonders dees zal zijn, en ook voor eene schoone amelioratie”. De werken voorzien dus: “in het leggen van eene kalsijde ligne rechte van Kruyspoort tot agter de kerk dezer gemeente, (Nb d.i. tot ter hoogte van café St Elooi, een lengte van 753m op 3m breed en het leggen van eene brug of duyker over de buytenvesting der stad Brugge.
Bij het uiteindelijk bestek kwamen nog 1.093,69fr voor ingenomen gronden en "het betalen van schadevergoedingen". Dit bracht het bestek op 15.693,69fr brug inbegrepen, alsvolgt te financieren:
- Provincie (1/3 van eerste bestek)     4.708,29
- Stad Brugge                                     2.000,00
- St Kruis (op begroting 40)                2.000,00
- St Kruis (op begroting 41)                   816,58
- Private inschrijvingen                        1.837,00
- Lening door de gemeente                 3.600,00
  voor 6 jaar aan 4% intrest

Totaal                                                15.011,87 fr

De "kortresse" van 681,32 fr werd bijgelegd door graaf Visart de Bocarmé, terug te betalen één helft eind  1841, de rest eind 1842 zonder intrest.(ingenomen het bestek)

In zitting van 27.2.1841 waarop de aanbesteding werd uitgeschreven, dacht men ook al aan de toekomst: "verklarende ten zelve tijd toe te stemmen in de benoeming van eene speciale commissie belast met de administratie der gemelde route in geval dat dezelve in het vervolg zou verlengd worden en dat men tolregten zou vaststellen waarvan het ontvangen zou dienen voor den onderhoud in goeden staat der nieuwe communicatie". De aanbesteding zelf ging door op 18 maart 41 en gaf volgende uitslag:
- Buse Julien-Devos, Brugge  10.600fr
- Plasschaert P.J., Brugge      15.600fr.
- Sabo Pierre                          15.700fr.

Grondeigenaar, de heer Pieter Gerbo uit Brugge, stond zijn grond, nodig voor het rechttrekken der steenweg gratis af en deze "gratuite gift" werd bij de inhuldiging van steenweg en brug op 24.10.1841, dik in de verf gezet. Het proces verbaal luidt als volgt: "Heden 24 oktober 1841 om 11 ueren voormiddag, Wij Adolf Goupy de Beauvolers, burgemeester der gemeente St.- Kruis, bijgestaen door de Heeren Schepenen en leden van den gemeenteraed. - Gezien we toegestaen hebben naer den algemeenen vraeg dat de alhier gemaekte brug de naem drage van Gerbobrug. Willende alzoo de naem van den heer Pieter Gerbo, grondeigenaer te Brugge, onsterfelijk te maeken als mede uyt erkenning over zijn mildheyd en medewerking tot het uytvoerbrenging van de gezegde calseyde en steenen brug, verklaeren openlijk dat de meermaels genoemde brug de naem ontvangt des "Gerbobrug". Willende dat deze benaeming door ieder erkend worde en alzoo in het geheugen van het nageslacht blijve. Daervan wij opgesteld hebben het tegenwoordig proces verbael die den heer Gerbo, alhier aenwezig, met ons heeft onderteekend".

De leden van de St Sebastiaensgilde hadden een groots feestprogramma opgesteld waarin hun kanongeschut de hoofdtoon aangaf.

Reeds in zitting van 1.7.1842 drukt de raad de wens uit de steenweg te zien verlengen tot in Middelburg: "overwegende dat deze inrigting van een groot nut zoude zijn voor onze gemeente, namelijk voor het gehugt Vijve Capelle alwaer verscheidene landbouwers en andere neering doende lieden bestaen die als nu geene andere communicatie hebben met de stad Brugge en aenpalende gemeenten dan door eene zandstraete die bijna onbruikbaar is...". Er komt zelfs een eerste begroting op tafel van 135.776fr voor een steenweg van 11.938m lang op 3m breed. Het geldelijk aandeel van de gemeente zou 5.500fr. belopen waarvoor een lening op 12 jaar zou aangegaan worden aan 5% intrest. De uitvoering zou echter nog enkele jaren op zich laten wachten.

Intussen werd in 1843 door Bruggen en Wegen een plan van alignement opgemaakt in het gedeelte van de steenweg tussen kerk en Kruispoort met als doel: "... door het aennemen van bovengemeld plan, men alzoo zal vermeyden het bouwen en planten op allerlei manieren en alignementen die de wandeling kunnen veronaengenamen".

De wandeling of zogenaamde "zomerweg" is de met bomen beplante zandstrook aan weerszijden van de steenweg. De stad Brugge die het plantrecht had op deze invalsweg (ook op Assebroek en St Andries), hechte veel belang aan deze wandelingen. In haar raadszittingen zou het herhaaldelijk tot discussies komen over het omhakken van bomen bij bouwaanvragen.

In 1844 leek de provincie Oost-Vlaanderen niet erg bereid mede te werken aan de verlenging van de steenweg op haar grondgebied. Op 27.03.1848 bedroeg het bestek der werken tot aan de limiet van de provincie 102.517,86fr. St.-Kruis bleef bij haar beslissing tussen te komen voor 5.500fr. en een lening van 11 aandelen van 500fr. werd uitgeschreven. Zij werden al vlug onderschreven door enkele vooraanstaanden uit de gemeente, "waaronder een Timmerman, Jacquin en Hoste met elk drie, en een zeker Lonneville met 2 aandelen".

Op 13.4.1849 is het bestek alweer opgelopen tot 108.720,62fr. (waarschijnlijk t.g.v. een vergelijk met Oost-Vlaanderen) en gaat het over de oorspronkelijke lengte van 11.938m.
Julien Buse-Devos was de aannemer die ook in 1839 de Smedenrei op 't Zand had overwelfd n.a.v. de te leggen spoorlijn Gent-Brugge- Oostende; voor de som van 40.000fr. (uit Brugge Die Scone, Maart 91)

De drie ontwerpen om de "calsye" aan te sluiten op de Kruispoort
A B recht door naar de Kruispoort over een nieuw te maken brug (P) (voorstel stad Brugge)
C D langs de Vestenstraat (huidige Pr. Albertstraat) naar de staatsbaan (voorstel St.-Kruis)
E F nieuwe weg over het nog niet bebouwde kadastraat perceel van sectie C Nr 627 naar de brug aan café Den Arend (voorstel St.-Kruis)

In dit zelfde jaar werd de aanbesteding uitgeschreven. De naam van de aannemer heb ik niet kunnen achterhalen, maar wel dat in mei 1850 het gedeelte van de weg op het grondgebied St.- Kruis, was afgewerkt. En in een schrijven van 6.8.50 is er sprake over de aanstaande inhuldiging in aanwezigheid van de ministers van binnenlandse zaken (Charles Rogier) en openbare werken (Frère-Orban):" une brillante fête sera organisée pour le Mardi 1 Octobre 1850, à l'occasion de l'inauguration de la route. M.M.les Ministres de l'intérieur et des travaux publics, ainsi que les hauts fonctionnaires invités à la fête seront conduits en voitures de la place du Gouvernement de Bruges à Moerkerke par St.- Croix. Le cortège musique en tête partira de Bruges vers 10 heures du matin. Un diner splendide sera servi le même jour à 4.30 heures de relevée. Chaque souscripteur s'engage à faire partie du cortège et du diner. La somme a payer par chaque souscripteur est de vingt fr. tout compris. Het diner ging door in het hotel de Commerce te Brugge.

Op 6.1.1852, na de volledige afwerking, werd de besturende commissie opgericht (leden: arr. commissaris Brugge/Oostende, de burgemeesters van St.-Kruis en Moerkerke en een schepen van de stad Brugge) voor een eerste periode van 10 jaar. De tolpalen werden opgesteld aan de herberg Lettenburg te St.-Kruis en de herberg Het Blauwhuis tussen Moerkerke en Middelburg.

COPIJ

 

Staet van Kosten gesprooten uit de inhuldingsfeest van den steenweg leidende van het dorp dezer gemeente naar Moerkerke welke feest den 1 October 1850 plaets gehad heeft

 

1.

Aen Hr De Myttenaere te Brugge over levering van Calicots lustrine (satijn)

15.02 

2.

Aen Hr Valcke-Boesmans over levering van Poer

14,60

3.

Aen Lebret-Vandewattyne over levering van gekoleurd lint

3,95

4.

Aen Sr Defraigne over verheuring van hoeden voor de cavalcade

16,95

5.

Aen Sr L. Rotsaert herbergier in het gemeentehuis over levering van wijn

45,50

6.

Aen Sr Schockaert tapitsier, over het vercieren der Gildekamer

4,90

7.

Aen Sr Tytgat voor de muzikanten

30,00

8.

Aen den Kanonier & Kanontrekkers der Gilde St.- Sebastiaen

10,00

9.

Aen J. Lanciers Timmerman over zijne gedane werken

11,71

10.

Aen Sr Willaert over het schilderen van 2 transparanten

10,90

11.

Aan de W. Lamote, over gedane timmerwerken

7,65

12.

Aen frs Verheecke, werkman over zijne dagheur 6 ½ dagen

9,23

13.

Aen frs Verheecke, werkman over zijne dagheur 6 ½ dagen

12,34

14.

Sr Wevers over zijne gedane levering van latten

6,16

15.

Aen Sr Verpoort over verheuring van vaendels

3,70

16.

Subsidie aen de Bolders, alhier gevestigd, tot het helpen bestrijden hun buitengewoone kosten ter dezer gelegenheid gedaen

20,00

 

TOTAAL

231,91

In de jaren vijftig is er verder geen sprake meer van wegenwerken te St.-Kruis. Wellicht ging toen de volledige aandacht, en waarschijnlijk ook de centen, naar het bouwen van een nieuwe (de huidige) kerk, waarvan de eerste steen gelegd werd op 28.6.1853. Maar dat is een aparte geschiedenis.

Er is niets nieuws onder de zon. Evenals op vandaag, had een wegverbetering ook honderd jaar geleden, zijn gevolgen. Twaalf jaar na de verlenging van de steenweg tot Moerkerke, besluit de raad op 24.4.1862 : "de weg in het dorp te verbreden: overwegende dat sedert het voltrekken van den steenweg van Brugge door het dorp dezer gemeente naer Middelburg, het voerwezen langs dezen steenweg dagelijks toeneemt en dat ten einde ongelukken te vermijden het hoogst noodzakelijk is de weg in het inkomen van het dorp te verbreden gelijk zulks aengewezen is op de schetskaart N° 2,- Overwegende verder dat van den eenen kant de breedte van de weg niet in evenredigheid zijnde met de passagie en van den anderen kant het gebied van afwatering aldaar gedurende het meeste deel van het jaar modderpoelen en stilstaande wateren bestaen die besmettelijke uitwasemingen en somwijlen zieken kunnen veroorzaken. - Overwegende dat deze modder gedurig door de wagens en dieren gedurig door het dorp gebracht worden, dat het dringend geworden is deze onaengenaeme staet van zaken te voorzien en dat de gemeente voor geene kosten mag wijken om de ontworpen werken zonder uitstel te doen uitvoeren....en voorziet in het innemen van 612m2 grond van het kerkhof in de steenweg. Hiervoor zal de kerkhofmuur moeten afgebroken - en verplaatst worden".. Het bestek beloopt tot 12.645 Fr. (waarvan 4.928Fr. voor de grond van het kerkhof). De Staat zal voor 1/3 tussenkomen en de commissie van de steenweg voor 1.200Fr. De rest ten koste van de gemeente. De aanbesteding gaat door op 28.3.1865. Onder de negen aanbiedingen is het aannemer De Sloovere uit Brugge die het werk zal uitvoeren voor 7.299Fr, maar intussen is het 1867 geworden. De kerkhofmuur zal op een lengte van 181m

De kerkhofmuur werd verplaatst in 1865
De aanbesteding werd aangekondigd met een affiche:
GEMEENTE SINTE KRUYS
Openbare aenbesteding voor de gedeeltelijke vernieuwing van de kerkhofmuer
burgemeester en schepenen brengen ter kennis van eenieder dat er op
Dynsdag 28 Maert 1865 om 3ure namiddag, in het gemeentehuis alhier zal overgegaen worden tot de openbare aenbesteding voor het vernieuwen van een deel van den kerkhofmuer waervan de kosten begroot zijn op eene som van Fr. 8400.00
Het plan, bestek en kohier van lasten en voorwaerden liggen ter inzage van eenieder in het gemeentehuis voornoemd.
Sinte Kruys, den 14 Maert 1865
Bij bevel, de sekretaris, A. Plaetevoet
Burgemeester en schepenen, J. de Bie

Bemerk ook de aanleg van het kerkhof na het verdwijnen van het oude kerkje
Hierboven een schetskaart van de Moerkerkse steenweg tussen Kruispoort en Doornhut vermoedelijk uit de tweede helft der veertiger jaren van de vorige eeuw.

Eenmaal de kerkhofmuur verplaatst besluit men in zitting van 16.4.1868
over te gaan tot de verbreding van de steenweg op deze plaats:"- overwegende dat sedert het herbouwen van de kerkhofmuur en het verbreden der straet deze werken hoogst noodzakelijk zijn geworden, dat zulks aen de bijzondere aendacht van het gemeentebestuur in 1867 aengewezen is geweest door de bijzonder kommissie van geneesheeeren door het Staetsbestuur aengesteld en belast met het onderzoek der smetziekte, genoemd cholera, die alhier sterk geheerschd heeft op het dorp dezer gemeente, zoodanig dat de gemeente school heeft moeten gesloten worden. - Overwegende dat in het belang der openbare gezondheid het hoogst noodzakelijk is geworden dat werk in de loop van dit jaar te doen uitvoeren en dat de gemeente voor geene kosten mag wijken om dit ontwerp te verwezentlijken en desnoods eene tijdelijke geldleening zou moeten doen. - Overwegende dat deze werken door de gemeente zonder behulp van het Staetsbestuur niet zouden kunnen uitgevoerd worden, besluit..."    Het plan en bestek (8.098,45fr) worden goedgekeurd, de werken moeten nog dit jaar uitgevoerd worden en er zal aan het gouvernement een toelage van 2699fr (1/3) aangevraagd worden.
In het vooruitzicht van wegenwerken, moest af en toe een aanbesteding uitgeschreven worden voor het leveren van kasseistenen.
Aankondiging in een plaatselijk weekblad. En de uitslag op 21 .6.1870
Anseeuw Pieter, Oostcamp     3.146fr
Leroy Ach.,Brussel                  3.161fr
Frans, Brugge                         3.173fr
Dielen (?) Westkapelle            3.195fr
Dumon, Brugge                       3.249fr
Vanaf 1.8.1876 zal de gemeente de besturende commissie van de steenweg jaarlijks bijspringen met 375,50fr, om de drie jaar te herzien. Maar dit zal niet zo heel lang nodig zijn, want in 1889 wordt de commissie niet meer herbenoemd gezien er geen barrièrerechten meer worden geind.
En in 1878 wordt het alignement der Moerkerkse steenweg, van Gerbobrug tot Doornhut aan beide zijden van de weg opgemaakt.
Het verharden van bestaande wegen is wellicht de eerste prille aanzet tot de groei van een gemeente. Daarna komt het aanbrengen van allerhande nutsvoorzieningen (verlichting, riolen, telefoon, buurtspoorwegen) het aanleggen van nieuwe wegen, het bouwen van woon- en handelshuizen, e.z.m.. Allemaal elementen die de leefbaarheid verhogen en dus een gemeente doen groeien. Vanaf het laatste kwartaal van de vorige eeuw is het te St.-Kruis niet anders verlopen; hetgeen zijn weerslag had op het bevolkingcijfer. In zijn eindwerk tot het bekomen van de licentiaatstitel in aardrijkskundige wetenschappen noemt de heer Luc Zwartjes deze periode het begin van de verstedelijking van St.-Kruis.


In de laatste twintig jaar van de vorige eeuw is er niet zoveel te beleven in de Moerkerkse steenweg; behalve dan dat er, vooral in de buurt van de Kruispoort (ook in de Pr. Albert- en Dampoortstraat of buurtweg nr 11) heelwat gebouwd wordt. Zo leest men in een schrijven van 2.12.86 aan het gemeentebestuur gericht, waarin verschillende kopers van gronden, eigendom van de heer Lootens en liggende dicht bij de Kruispoort vragen: "te willen voorspreken bij de bevoegde overheid van de stad Brugge ten einde de boomen te mogen wegruimen staende binnen het plan van alignement". Ons schepenvollege zal in onderhandelingen treden met het college te Brugge om de zaak in der minnen te schikken: "en alzoo menigvuldig schrijfwerk te kunnen voorkomen." De aanvragen om bomen te vellen viel in Brugge niet in goede aarde, want, zoals hoger gezegd, hechtte het stadsbestuur veel waarde aan die groene wandelingen in de diverse randgemeenten.
Sommige huidige toestanden langs de weg zijn terug te vinden in beslissingen uit die periode. In 1897 werd bv. beslist de bouwlijn van het perceel grond Sectie D, nr  1 (d.i. de hoek van de Moerkerkse stw. met de Pr. Albertstr.) op een lengte van 98, 40M (tot het vroegere Café Metro) 4m achteruit te plaatsen, hetgeen na de verwijdering van de voortuintjes (in 1966) op heden het  brede voetpad op die plaats verklaart.

Uit de 500.000fr die de staat in 1890 uittrok voor de verbetering der buurtwegen, vroeg de gemeente haar deel voor het herstel van buurtweg nr 2 "die tusschen kilometerpaal 1 en 2 in de winter gedurig onder water staet of met ijs bedekt is en diensvolgens groot nadeel aen de openbare gezondheid en veele ongemakken oplevert". En in 1894 wordt er aan de noordkant van diezelfde buurtweg bomen geplant "tusschen café De Zorge en het beukenbosch van Ernest Visart de Bocarmé".

Het gevaar voor de voetganger op onze wegen is geen hedengaags fenomeen. Dit blijkt althans uit een schrijven in juli 1899 van de inwoner van de buurtweg nr 2 aan het gemeentebestuur waarin zij aandringen op het aanbrengen van een voetpad:
Mijne Heren,
De ondergeteekende inwoners van St.-Kruis nemen de eerbiedige vrijheid U te vragen eenen voetweg te willen leggen van aan de kerk tot aan Duivelsdoornhut. Dit ware de verlenging van hetgeen reeds bestaat van de de Kruispoort tot aan de kerk. Dezelfde onderteekenaars vragen nog dat U gelieven zou dien weg beter te verlichten. - Ziehier, Mijne Heren, de beweegredenen welke de ondergeteekenden denken in recht te doen gelden.
De knechtjes- en meisjesscholen zijn langs dien weg gelegen en de kinderen moeten zich dagelijks door dien modderpoel naar klas begeven, hetgeen zeer nadelig is voor hunne gezondheid. Daarbij is er voor die kinderen een bestendig gevaar door het standvastig verkeer van paarden en gerij. Een voetpad zou aan dit alles verhelpen en zou tevens veel bijdragen ter verfraaing der gemeente. In de hoop, Mijne Heren, dat gij hunne vraag met genoegen zult gelieven aan te nemen, bieden zij U de uitdrukking hunner gevoelens van achting.

In zitting van 26.7.1899 wordt op de vraag ingegaan. Met de eigenaars zal onderhandeld worden voor afstand van grond om aan de zuidzijde van de Moerkerkse steenweg tussen herberg De Vrede, bewoond door Pieter Billiet en buurtweg nr 8 een voetpad, voorlopig in zand, aan te leggen. Aannemer Jules Braet van Damme zal nog voor de winter de borduren plaatsen voor de prijs van 2.176fr. In Januari 1900 werd tevens beslist 7 nieuwe lanteerns langs de steenweg te plaatsen.

Plan van afstand voor het aanleggen van een voetpad aand de zuidkant van de Moerkerkse Steenweg en de hoek van  de Brieversweg in 1899. De grond werd aangekocht aan 2 fr de m2, bomen en hagen niet in begrepen

A - Herberg "DE KEIZER" - Deze herberg werd reeds in 1664 onder de 17 herbergen opgesomd "die onder de parochie Sinte Cruys syn sorterende "d'herberghe de Keyser daer Jan Blomme ten jaere 1664 up woont".
In de 19e  eeuw had "de Keizer", door de familie De Bruycker bewoond, haar vaste klanten onder de wandelaars, die eventjes op de buiten kwamen uitrusten. (Magda Cafmeyer in St Kruis, oud en nieuw)
Rond 1908 moest de herberg plaats maken voor het nieuw gebouwd renteniershuis van de kinders Lootens en wordt sedert veelal bewoond door een onder- of medepastoor.
B - Huis Aug. De Bruyckere, bouwjaar 1897 (hoek Brieversweg/Moerkerkse stw.
C - Eerste reeks 6 gelijke huisjes op eigendom Augustin De Foere  bouwjaar 1899 (bouwaanvraag 1.3.1899)
D - Herberg Altena of Sint Hubrecht
De herberg "ghenaemt Sint Hubrecht wylent Altena mette zuudsyde aen den Brieverswegh...daervan buuten der paele in den noordoosthouck met de cuecken ende een deel van de hoogh camere". De paalsteen werd nog vernieuwd in 1663 "synde een blauwen steen met de wapens van de stadt daer op ghehauwen" Deze herberg al-te-na-bij de paalsteen verdween op de herberglijsten op het einde van de 18e eeuw.
De herbergnaam St Hubrecht was weldra vergeten, doch het gebouw dwars van de straat werd als 3 (nb volgens gegevens in 4) arbeiderswoningen ingericht, waarvan de hoogkamer het zuiderste huisje was. Ze werden samen met de oude aanpalende meisjesschool in 1930 gesloopt. (Magda Cafmeyer in St Kruis, oud en nieuw)
E - Het klooster met meisjesschool gebouwd in 1842. Het nu nog bestaande kapelletje is de laatste getuige van dit klooster.
Let ook op de benaming van de weg: "weg van Brugge naar Antwerpen" 
F - Café Batavia


De kasseistenen liggen gereed om het werk uit te voeren. Bemerk dat er tussen de hoek met de Hoogweg en De Zorge nog geen huizen staan.

Op het einde van de 19de  eeuw was de steenweg, tussen Gerbobrug en Doornhut, 3 m breed met aan de zuidkant een voetpad in zand afgebakend met boordstenen. Uitzondering was het stuk tussen café St.- Elooi tot even voorbij de huidige Delaplacestraat waar de steenweg in 1868 verbreed werd met achteruit plaatsen van de kerkhofmuur.
De eerste wijziging aan die toestand in de 20e  eeuw kwam er n.a.v. het aanleggen van de buurtspoorweg Brugge-Aardenburg, in 1904. Voor het leggen van de sporen werd de Gerbobrug verbreed met een passerelbrug in plaatijzer. Deze brug werd van het bestaande rijvak gescheiden door een lage ijzeren leuning. Het was voor de kinderen bijzonder leuk veel lawaai te kunnen maken met op die platen te lopen; hoewel die doorgang voor voetgangers verboden was. De nodige breedte voor de spoorweg, die aan de noordzijde van de weg werd aangelegd, werd eveneens met boordstenen afgebakend. En tenslotte verschenen ook in het straatbeeld de hoge houten palen voor de telefoonverbinding in dienst van de buurtspoorweg.
In 1905 is de steenweg ten oosten van de kerk dringend aan herstel toe. In zitting van 30.5.1905 besluit men de Moerkerkse Steenweg van op 750m van de Kruispoort (d. i. van aan de herberg De Zorge) tot op 1250m van de poort (d.i. tot aan het klooster) dus op een afstand van 500m te vernieuwen. De huidige kassei van 3m breed zal uitgebroken worden en herlegd met nieuwe kasseistenen. De oude stenen zullen gebruikt worden om de zomerweg (de zandstrook tussen kassei en de borduren van het voetpad, 1,50m breed) te kasseien.
Lastenboek en bestek, door de Provincie op 1.12 1905 goedgekeurd, voorziet een bedrag van 15.776,50fr. De aanbesteding gaat door op 1. 3.1906. en het is Henri Lemahieu uit Beernem die met 15.100fr de laagste  aanbieder is voor Charles Verbeure uit St.- Andries met 15.148fr: Het werk werd in hetzelfde jaar uitgevoerd.
In 1906 wordt ook de straatverlichting uitgebreid van Café Mexico tot aan de Doornhut.


Door het moeten herleggen der riolen, zijn de voorziene werken der herbestrating op volle breedte, begroot op 25.282,63fr, uitgesteld. In 1911 is dit bestek, opgemaakt door de heer Bouckaert van Bruggen en Wegen opgelopen tot 36.889,15fr. plus 5000fr voor het verplaatsen van de tramlijnen en het voorziet in: de bestaande weg van 3m breed zal op 5, 75m worden gebracht (met stenen zoals op de staatsbaan) tot tegen de borduren van het zuidelijke voetpad. Langs en tussen de tramrails zullen de oude kasseistenen gebruikt worden tot tegen de nieuwe borduren van een aan te leggen voetpad aan de noordkant van de steenweg.
De aanbesteding, met een uiteindelijk bestek van 35.868,13 kan tenslotte doorgaan op 28 februari 1912. Laagste aanbieder is Lemahieu uit Kortrijk voor 36.763fr. Maar omdat men het nietb eens is met de kwaliteit van de steen die hij zou gebruiken wordt het werk toegewezen aan de tweede bieder J. Blanckaert uit Brugge voor 37.495fr. Maar ook bij deze aannemer is er iets aan de hand met de stenen en men komt op de beslissing gterug en Lemahieu kan het werk uitvoeren. Het werk wordt nog in dit jaar uitgevoerd maar de afrekening sluit met 
42.540, 67fr
T.g. v. die werken wilde men ook enkele bomen op de dorpsplaats laten wegnemen om de bocht tegenover de Klokstraat (J. Delaplacestraat) wat recht te trekken maar het stadsbestuur weigerde haar toestemming in zitting van 13.1.1913.
In 1913 wordt tussen Pr. Albertstraat en de Gerbobrug nog 93,25m riool gelegd inde Moerkerkse Steenweg; en daarbij aansluitend 141,5m riool in de Dampoortstraat waar sinds begin deze eeuw al enkele huizen werden opgetrokken. In dit zelfde jaar wordt op aandringen van schepen K. Van Robays de hoek van de kerkhofmuur nabij het Gildenhuis 9.50m achteruit geplaatst. Ook een gedeelte van de omheiningsmuur van die herberg en het doelhuisje op de hoek van de Kokkestr. wordt achteruit gezet. En bakker Firmin Dickx krijgt 2100fr. toelage voor het afbreken en achteruitbouwen van zijn huis op de hoek van de Schaakstraat en Moerkerkse Steenweg. Een dergelijke achteruitbouw had ook al plaats gehad in 1908 wanneer de Wwe Depreeuw café St Elooi laat afbreken en achteruit plaatst, waardoor 7,5 m2 in openbaar bezit kwam aan 10fr. de m2 .

Dat straatwerken voor onaangename verrassingen kunnen zorgen is geen hedendaags verschijnsel. Dokter Schacht, die zijn klanten met paard en sjees bezocht, ondervond dit reeds in 1906. In 1907 sprak de gemeenteraad zich over het voorval uit als volgt: Gezien de vraag van Dr Schacht, strekkende om van deze gemeente een vergoeding te bekomen van 150fr  voor schade toegekomen aan zijn rijtuig door het op de vlucht komen van zijn paard in november 1906 t.g.v. het lossen van kalsijden voor het gemeentebestuur volgens hij beweert. - Gezien dat door het onderzoek gedaan gebleken is dat het gemeentebestuur of de werklieden door hetzelfde aangesteld niet in fout geweest hebben. Besluit na eenpariglijk dat aan de vraag van de heer Schacht geen gunstig gevolg kan gegeven worden.
In 1905 was men er ook al van bewust dat de Moerkerkse steenweg tussen kerk en Gerbobrug hersteld moest worden. Eerst in 1907, na het eindigen der werken aan de steenweg ten oosten van de kerk, gaat de aandacht volledig naar dit gedeelte. En men wil het grondig doen. Vooreerst wil men riolen plaatsen. Een bijzondere commissie samengesteld uit raadsleden zal de tekeningen en het bestek onderzoeken. Op 9.1.07 komt men tot volgend besluit: overwegende dat de openbare gezondheid en de netheid van dat gedeelte van St.- Kruis dringend vereischen dat hetzelve van een rioolnet voorzien worde waaraan alle huizen zullen moeten verbonden zijn door afleidingsbuizen van luchtafsnijders voorzien. Gezien dat de dorpsplaats dezer gemeente van aan de herberg St Elooi langs de Moerkerksche stw., de prins Albrechtstr., de Molenstr. en de Maelsche stw. tot aan het Zuidervaartje, dus op een lengte van 800meters langs beide zijden bijna geheel bebouwd is, het binnen weinig jaren geheel zal zijn...    besluit op de plaatsen hiervoor aangewezen de volgens opgemaakte teekeningen riolen te doen maken tot ontlastinge in het Zuidervaartje der regenwaters, waters der huishoudens en overloop van de regenwaterputten, doch niet van mest- of drekstoffen. In 1908 zullen de plannen nog wat wijzigingen ondergaan, maar begin 1909 is het bestek, groot 18.470,4fr. klaar. Het zijn de aannemers Ed. Danneels en Camiel Thys die het werk zullen uitvoeren voor 16.816fr  Florimond Gadeyne, toeziener van openbare werken te Beernem, werd als tijdelijk toeziener aangesteld. (10.3.09) Maar spijts dit toezicht worden de werken na afloop niet goedgekeurd en moeten het jaar daarop, bij ministrieel besluit de riolen herlegd worden. Het gemeentebestuur besluit niet meer dan 2fr per lopende meter te betalen. (totaal bedrag 3.221 ,29fr)

Zo moet het begin der Moerkerkse Steenweg uitgezien hebben omtrent 1914. De zeven gelijke huizen rechts op de foto werden in 1913 gebouwd.

Samengevat is de toestand van de Moerkerkse Steenweg, juist voor de eerste wereldoorlog als volgt: van Gerbobrug tot café St. Elooi is de weg op de volle breedte gekassijd en van riolen voorzien. Aan beide zijden is er een voetpad die echter nog niet verhard is. Tussen St.-Elooi en Doornhut is er kassei van drie meter breed en is ook de zuidelijke zomerweg van kasseistenen voorzien tot aan het klooster. Er zijn in dat stuk Moerkerkse Steenweg nog geen riolen maar wel een voetpad (in aarde) aan de zuidkant. Aan de noordkant loopt de tramlijn met er naast een gracht en de palen van de telefoonlijn. Op het voetpad aan de zuidkant staan de palen van de gasverlichting, van Kruispoort tot Doornhut.
Voorwat betreft de huizenbouw in de Moerkerkse Steenweg, in diezelfde periode (1900-1914), komt de echte bebouwing te St.-Kruis op gang rond 1875, maar versneld vanaf de 20e  eeuw. Zo werden er, alleen al in de eerste dertien jaar van 1900 147 bouwvergunningen afgeleverd; tegen 130 in de laatste dertig jaar van 1800.
De bebouwing voltrekt zich vooral in twee zones. Vooreerst dicht bij de Kruispoort, maar vanaf 1888 ook van bij de kerk tot Doornhut. De dorpskom moet er einde de vorige eeuw nog vrij kaal hebben uitgezien voor al ten westen van het Schuttershof. Maar daar kwam, zeer vroeg in 1900 verandering zoals blijkt uit de hierbij gevoegde plannen.


Reeds op 20.7.1892 kreeg een zeker CH. Lust een bouwvergunning voor het optrekken van een herberg (woonhuis) met smisse op het perceel sectie D nr 10. (grond van de kerkfabriek St.-Anna). Op 11.1.1899 krijgt K.v.Robays, aannemer, vergunning om van die herberg en smisse twee woonhuizen te maken. (zie foto, uiterst rechts het huis Modest Hoste) Op 24.5.1907 zou in het huis rechts ons eerste postkantoor ingericht worden als "ontvangerij 4e klasse. Het huis links zou betrokken worden door de eerste postontvanger de heer Vierstraete. De beide huizen werden in 1962 volledig afgebroken en vervangen door de beenhouwerij met appartementen van N. Naessens. Huisnummers 147 en 149. (bij de afbraak zou nog een smishamer gevonden zijn)


Dat men ook toen al aan bepaalde voorschriften gebonden was, blijkt uit volgend voorval. De vraag die de heer Emile Moles Lebailly, ruiterij luitenant, stelt om zijn eigendom langs de Moerkerkse Steenweg met een "levende haag" af te sluiten; wordt in zitting van 13/8 verworpen. Spijts deze "kwaadkeuring" heeft hij toch de haag geplaatst. Het college zal tegen hem vervolging inspannen "met de vraag het voorwerp der overtreding te doen verdwijnen".

Links: Huis van Wwe. V.d.Male - De  Poorter uit Eeklo.
Bouwjaar 1903 (2  huizen) Sectie D 10. 
Het huis links werd de uurwerkwinkel Vanderostyne en het huis rechts werd de bakkerij Degraer en werd de bakkerij Boidin thans bakkerij Defruyt.

Rechts: Bouwheren Karel v. Robays en Alphonse Verstraete, herbergier te Brugge. Het huis werd in 1946 veranderd door schoenmaker Alb. Danneels en later nogmaals door Gerard Louwagie, kruidenierswinkel GROSCO, thans Versmarkt.
 

Een van de oudste bouwaanvragen (met goedkeuring) uit het archief van St.-Kruis nl. van het huis Moerkerkse steenweg 338. Deze bouwaanvraag dateert van 22 meije 1879 en werd goedgekeurd door burgemeester De Bie.
De tweede kaart is de situatieschets met O. de te bouwen woning. Bemerk onderaan de kapel van OLV ten Bergen. De rooilijn moet in de tijd gewijzigd zijn want nu is er op deze plaats geen bocht meer zichtbaar in de Moerkerkse Steenweg.

 

Huis links is het huis Luitenant Blomme
Bouwjaar 1913/sectie D10
Werd later bewoond door Dr. Verhaeghe. Dan afgebroken en herbouwd als Kredietbank, thans Japans restaurant. 

Huis rechts is het huis Modest Hoste
Bouwjaar 1904/sectie D10

Afgebroken en thans appartementsgebouw


 

 

Links: Huis Linthout
Bouwjaar 1910/D10
In 1947 Uurwerkwinkel Vanderostyne Albert, later schoenhandel J. Danneels. 

Rechts: op 4.04.1899 deed juffr. Matyn uit de Breydelstraat te Brugge een bouwaanvraag om een rentenierswoning te mogen bouwen op de grond rechtover het Gildenhuis. 
Het werd volledig afgebroken in 1982 en het jaar daarop herbouwd door Dhr. Bockstaele.

Amper één maand nadat het kanongebulder tot rust was gekomen, in december 1918, wordt een eerste, niet spectaculair maar wellicht zeer noodzakelijk werk uitgevoerd. Van Gerbobrug tot Doornhut wordt het voetpad opgevoerd met "zinders" die men kan kopen bij de brouwereij van De Meulemeester te Brugge (Aigle Belgica) aan 1fr de kar.
In 1919 stelde de regering aanzienlijke hulpgelden ter beschikking voor het herstel der werken en de bestrijding van de werkloosheid. Daarvan maakt St.- Kruis gebruik om de Moerkerkse Steenweg. "in deerlijke staat tusschen het klooster en de hofstede van Henri Van Damme", te herstellen.
In de jaren twintig zal er verder aan onze hoofdstraat weinig veranderen. Alleen in 1925/26 komt er een kleine wijziging tussen de huisnummers 99 tot 117. (zuidkant). Daar zijn de bewoners bereid kosteloos grond van hun voortuintjes af te staan tot op 3,75m van de huisgevel, als de gemeente er kan voor zorgen dat de oude lindebomen aldaar verdwijnen. Begin 1926 is het stadsbestuur daarvoor te vinden en men haast zich de steenweg op een lengte van 250m (d.i. tussen de kerk en het huis Jerome Van Hoorickx) te verbreden om te beletten dat de stad nieuwe bomen zou planten, die aan de aanpalende bewoners onaangenaamheden en schade veroorzaken.
Even speelt men in die jaren ook met de gedachte om van aan de hoek van de Polderstraat tot aan de Klokkestraat (Delaplacestr.) een straat van 15m breed te leggen en dit ten noorden van de kerk. Het is bij de gedachte gebleven.

De Moerkerkse Steenweg eind de twintiger jaren, begin dertiger jaren
Een niet te fraai zicht met de diverse palen voor tram, telefoon en    electriciteitsleidingen.
Op de hoek van de Prins Albertstraat de hoge telefoonmast, verdeler van diverse lijnen. Midden rechterkant een gaslantaarnpaal.
Als gevolg van de snelle afwerking van de Vlamingstraat, waar voetpaden werden aangelegd in cimenttegels (dallen) van 30x30x4cm, worden in 1928, op vraag van de bewoners, langs de Moerkerkse Steenweg dallen gelegd op het voetpad tussen Dampoort- en Vlamingstraat
En hoe snel er in de Moerkerkse Steenweg mag gereden worden werd bepaald in 1927. "Overwegende dat de overmaat van snelheid, inzonderheid voor wat de automobielen, de autovrachtwagens en soortgelijken, een bestendig gevaar daarstelt voor het verkeer binnen de dicht bebouwde gedeelten der gemeente. . . .
Besluit art. 1: In de dicht bebouwde gedeelte der gemeente is de maximum snelheid voor de automobielen, vrachtauto's en soortgelijke bepaald op 25 Km. per uur.
In de dertiger jaren gaat de aandacht naar het stuk Moerkerkse Steenweg tussen kerk en Doornhut. Hier lag nog een kassei van 3m breed en waren er nog geen riolen. Vooral dit laatste leidde soms nog tot erbarmelijke toestanden. 

Zo lezen we in het raadsverslag van 4.3.31: "De heeren De Jaegher Alois, voerman, Viane Jozef, herbergier en Vermeersch Emiel, landbouwer werden alle drie ter zitting uitgenodigd om in der minne de nodige maatregelen te bespreken om te beletten dat mestputzop op de straat loopt. Alle drie zijn van goede wil en zullen het noodige doen om er een eind aan te maken".
In 1930 nam men volgende beslissing: tussen kerk en Doornhut zullen riolen gelegd worden en kasseien op de volle breedte van het rijvak (8,5m). Tussen Doornhut en Vijve-Kapelle een nieuwe steenweg van 5 of 6m breed. In mei van dit zelfde jaar krijgt de provinciale ingenieur Lesy de opdracht de verschillende mogelijkheden te onderzoeken voor riolen en kasseien tot Doornhut en ook voor de vernieuwing van de steenweg tussen Doornhut en Vijve-Kapelle. In december legt hij voor beide gedeelte twee voorstellen op tafel:

Weggedeelte Kerk- Doornhut
1e voorstel: op gans de breedte met nieuwe stenen
Riolen                         112.668fr
Kasseiwerk                 871.738fr.
Ere loon & toezicht       26.000fr.
totaal                        1.010.406fr. 
Na aftrek van Staat- en Provincie toelage blijft 368.125Fr. te betalen door de gemeente.

2e voorstel: nieuwe stenen op 4m breed, oude langs de kanten
riolen                         112.668fr    
Kasseiwerk                554.624fr
Ereloon en toezicht      20.036fr
totaal                          687.328fr
Na aftrek van Staats- en Provincie toelage blijft nog 264.530fr. te betalen door de gemeente.

Weggedeelte Doornhut - Vijve Kapelle 

1e voorstel: 6m breed waarvan 4m met nieuwe stenen : 439.315fr.
Na aftrek toelagen 163.105fr.

2e voorstel: 5m breed waarvan 4m met nieuwe stenen : 481.155fr.
Na aftrek toelagen 160.385fr.
Heel waarschijnlijk zullen deze cijfers hard aangekomen zijn bij onze beleidsmensen want men besluit in 1931 alleen de riolen te leggen en de kasseiwerken te verdagen. Ingenieur Lesy moet nu een ontwerp opmaken waar bij er geen kaseien voorzien worden langs en tussen de tramsporen. Maar intussen is het bestek voor de rioolwerken opgelopen tot 135.959,13fr. Ze werden in 1932 gelegd. (lees Brugsch HandelsbIad 24.12.32)
Het Ministerie van 0penbare Werken komt nog op de proppen met de vraag te onderzoeken of de tramsporen niet beter in het midden van de straat zouden gelegd worden, hetgeen een nieuw uitstel der kasseiwerken betekend. Uiteindelijk kan in raadszitting van 27.6.1935, als enig punt de uitslag der aanbesteding bekend gemaakt worden. Het werd in feite een dubbeel aanbesteding. Want niet alleen de werken in de Moerkerkse Steenweg werden voorzien (A) maar ook verbeteringswerken in Dampoort- en J.Delaplacestraat en het kasseien van 5 straten in de Dampoortwijk (B).
De laagste aanbieder was De Wispelaere uit Brugge met voor A 520.825fr
en voor B 758.288,40fr. Maar hij vraagt om ontslagen te worden daar hij zich bij de berekening vergist heeft. Automatisch kwam de tweede laagste aanbieder in aanmerking en dat waren de Gebr. Blanckaert uit Brugge met voor A 602.159,67fr en voor B 876.351,53 fr.
Andere aanbieders waren :
Braet Jules     A 609.427,56 fr.    B 891.263,62 fr
Chr. Dhonet    A 634.709,06 fr.    B 909.580,71 fr
Lemahieu       A 661.079,56 fr.    B 976.864,34 fr.

Moeilijkheden net de buurtspoorwegen waren de laatste oorzaken om de aanvang der werken uit te stellen tot 14.10.35 i.p.v. op 27.8.35.
De uiteindelijke uitvoering in de Moerkerkse Steenweg was wel zo dat er nieuwe kasseistenen voorzien werden behalve langs en tussen de tramsporen waar er oude werden aangebracht.

De toestand van de Moerkerkse Steenweg  begin de jaren dertig.
Hier tussen Brieversweg en Kleine Smulstraat. De krotwoningen rechts vooraan, verdwenen in 1935.

De vernieuwde Moerkerkse Steenweg in 1936.
In de achtergrond de bocht aan de Brieversweg. De voorgrond bevindt zich ter hoogte van café Mexico.

Wellicht had de vertraging bij de werkzaamheden ook iets te maken met de uitslag van de gemeenteraadsverkiezingen van oktober 1932, waarbij burgemeester K. Casteleyn per 1 januari 33 zijn sjerp moest afstaan aan Pieter Janssens. En vrij kort daarop ontsponnen zich in de raadszittingen zeer harde discussies over de financiele toestand van de gemeente. En in hoeverre de prijs der werken werd beinvloed door het feit dat oppositielid Edm. Vandewiele (soc.) zijn slag thuis haalde door de goedkeuring te bekomen van het invoeren van de veertig uren week, niet enkel voor het gemeentepersoneel maar of dit ook telt voor de werken door ondernemers uit te voeren voor rekening van de gemeente, is niet na te gaan.
Stilaan worden ook de voetpaden aangelegd in cimentdallen. Zo kwamen, n.a.v. het aanleggen van voetpaden in de Vlamingstraat in 1927, ook dallen in de Moerkerkse Steenweg tussen Dampoort- en Vlamingstraat (in 1929 werden 1250m2 voetpaden aangelegd te St.-Kruis)
Gezien het lot van de Moerkerkse Steenweg onafscheidelijk verbonden is met de Kruispoort, kunnen we ons afvragen hoe het verliep met de brug aldaar die de duitsers op 18.10.18 hadden laten in de lucht vliegen. Vrij snel na de bevrijding werd een nood-ophaalbrug gelegd naast de poort waarop ook de tramsporen werden aangelegd. In 1924 vraagt radslid Ern. Steven bij het Min. van  Openbare Werken aan te dringen voor het herleggen van een brug voor de Kruispoort en de hulpbrug voorlopig te behouden. Eerst in zitting van 21.10. 33 kan medegedeeld worden dat de werken waarschijnlijk nog dit jaar zouden beginnen. Ons gemeentebestuur dringt nog aan op een brug met dubbel verkeer waarop geantwoord wordt dat de brug 5m breed zal zijn met aan weerszijden een voetpad van 0,75m. De werken begonnen eind 1934. In het Brugsch Handelsblad van 20.4.35 zien we op een foto het aanbrengen van de nieuwe brug (die electrisch zou bediend worden) op woensdag 17.04. De brug woog 76 ton, was 27m lang en 6,5m breed; en werd geleverd door La Brugeoise et Nicaise et Delcuve van Brugge.
Een "commissie van urbanisatie" van Groot-Brugge bestudeerde in 1936 de mogelijkheid om de Gebrobrug te verbreden. Het jaar daarop beliep het bestek 365.000fr. waarin na aftrek van de gebruikelijke toelage, het aandeel van St.- Kruis 10.000fr. zou zijn. Door de oorlogsomstandigheden zou hier niets van in huis komen. Integendeel, op 8.9.44 zou de Kruispoortbrug en de noodbrug die al die jaren had blijven dienst doen, opnieuw door de terugtrekkende duitsers opgeblazen worden.
In 1933 werden de remmen losgelaten en werd de snelheidbeperking in de bebouwde kom van 25 op 35Km per uur gebracht: "rekening houdende van de huidige moderne remtoestellen welke toelaten op zeer korten afstand stil te houden, zelfs als men aan een meer dan middelmatige snelheid rijdt.

Voor wat de bebouwing betreft zegt L. Zwartjes in zijn studie dat er in die periode (1918/40) in de Moerkerkse Steenweg een meer "continu" bebouwing  kwam. Di t was vooral waar in het gedeelte tussen de kerk en Doornhut. Aan de noordkant in dit stuk stonden in 1918 amper 30 woningen. en was in 1940 bijna volgebouwd. Aan de zuidkant bv. kwamen alleen al na het verdwijnen van het klooster (in 1930) een tiental huizen bij.
En ten slotte dient nog gezegd dat in zitting van 12.1.27 het stuk Moerkerkse Steenweg tussen. de steenweg Damme-Vijve Kapelle-Sysele en de grens met Moerkerke de naam Edm. en Leon D'Haensplaats kreeg.
* St Kruis was hierbij de eerste gemeente, en stelde zich alzo als eerste ook in regel met de min. voorschriften om de gemeente ogenblikelijk in het duister te kunnen stellen. (dit i.v.m. mogelijke oorlogsgevaren)

Een mooi gebouw, ontwerp van archtect J. De Bisscop, dat in 1928 werd opgetrokken langs de noordzijde van de Moerkerkse Steenweg, tussen de Kruispoort en de kerk.
Eugeen Botte-Plouvier (vader van de latere arrondissementcommissaris). Vanaf de beginjaren van de jaren zestig zou het gebouw tijdelijk dienst doen als postkantoor tot het postkantoor in de Wagenmakerstraat op 26.08.1978 zijn deuren opende. Het huis Botte werd in 1982 afgebroken om er het Cera-kantoor (Raiffeisenkas) op te bouwen.Thans is er het kantoor van Not. E. Van Tuyckom in gevestigd. 

nr 57

Het huis naast de ingang van de cinemazaal Metro. De herberg noemde vanaf 1958 Rio en vanaf 1966 toen ze uitgebaat werd door André Deman en Monique Vandendorpe kreeg zij de naam Metro.(Gegevens meegedeeld door Roger Denolf)

Een beetje geschiedenis
René Lanszweert oorspronkelijk afkomstig van Stavele, was al vrij vlug als aannemer aanvaard in de gemeente. Tijdens de oorlog 1914-18 werd de aftredende dismeester Hubrecht Billiet vervangen door René voor deze belangrijke en moeilijke functie in die tijd.

Tijdens de opzoekingen over de hoeve 'Het Prieel vanden Hoghelande' in de Polderstraat te St.Kruis vernam ik dat het door toedoen van René Lanszweert geweest is dat de familie Leuridan nu reeds voor de derde generatie op deze hoeve woont en werkt.
Net als René Lanszweert was de
 familie Leuridan afkomstig van Stavele. Hugo Leuridans (de huidige bewoner) grootvader Alfons was soldaat in 14-18. Op het einde van de oorlog werd hij gekwetst. Na de oorlog moest hij zijn graad van invaliditeit laten bepalen. Dit gebeurde in Brugge. Hij nam van de gelegenheid gebruik om in Sint-Kruis de familie Lanszweert uit Stavele te bezoeken, en toen vernam hij dat er een hof was in Sint.Kruis waar een pronte, ongehuwde dochter was die “de keure had” (d.w.z. de kans om het hof over te nemen indien zij huwde). Van het een kwam het ander, en zo kwamen de Leuridans dank zij de Lanszweerts naar St.-Kruis, namen de hoeve over en zijn er nu nog altijd.

In het RAB onder de Inv. 121 Aanwinsten 2244 vinden we de naam Lanszweert terug in een rentebrief van een hofstede te Stavele in 1639.

(Pol Declercq)

 

nrs 53-55 nrs 53-55

Let op de foto rechts bovenaan. Dit was vroeger café ...?  en later café Metro.
Op de foto onderaan rechts staat wat nog rest van de vroegere cinemazaal  Metro, later het Norbert Hey Center.

Met dank aan Michel en Monique Van den Brande - Depraetere voor de foto's

Nrs. 53-55

Afbraakwerken aan de woningen nrs.53-55 van de familie Lanszweert

nrs 53-55 nrs 53-55